Bestuur van molen De Ooievaar waakt over erfgoed en toekomst

Molen De Ooievaar is een opvallend en geliefd herkenningspunt in Terwolde. Maar achter het draaiende wiekenkruis zit een bestuur dat zich intensief bezighoudt met een minder zichtbaar, maar cruciaal onderdeel: het in stand houden van de molen. Penningmeester en molenaar Andrien Muijsers en bestuurslid Jacques Martini vertellen hoe dat werkt – en waarom dat steeds uitdagender wordt.

Van herbouw naar behoud

Formeel heet de organisatie Stichting exploitatie en behoud van de Terwoldse molen De Ooievaar. Die naam zegt eigenlijk alles. De stichting is ooit opgericht om de molen na de brand weer op te bouwen. Toen dat was gelukt, trad het toenmalige bestuur terug en werd een nieuw bestuur gevormd, met een andere opdracht: zorgen dat de molen blijft staan én blijft bewegen.

Van het oude bestuur is alleen Alexander van Rijckevorsel-van Kessel aangebleven, inmiddels voorzitter. Het huidige bestuur bestaat uit vijf leden – volgens Andrien en Jacques een prettig en werkbaar aantal.

Waken over de molen

De kern van het bestuurswerk is helder: waken over de molen. Dat betekent onderhoud, verzekeringen, veiligheid, financiën en toekomstplannen. Er is een meerjarenonderhoudsplan opgesteld en er wordt geld gereserveerd om grote kosten op te kunnen vangen. “Dat is geen makkie,” zegt Andrien. “Deze molen vraagt echt om structurele zorg.”

Jaarlijks is er zo’n 15.000 tot 20.000 euro nodig. Dat bedrag is inclusief verzekeringen, brandveiligheid, elektriciteit en bijvoorbeeld waterschapslasten. Subsidies helpen, maar dekken bij lange na niet alles.

Bestuur en vriendenclub

Het bestuur organiseert zelf geen activiteiten in de molen. Dat is de bestuurlijke taak van Vrienden van de Molen, de actieve vriendenclub die evenementen organiseert en de molenwinkel runt. De opbrengsten daarvan – na aftrek van kosten – vloeien terug naar het bestuur en zijn volledig bestemd voor onderhoud.

Er is regelmatig overleg tussen beide besturen. “Het is vooral informatie uitwisselen,” vertelt Jacques. “En natuurlijk stemmen we financieel af, want we hebben elkaar hard nodig.”

Altijd geld zoeken

De grote zorg van het bestuur is structureel: hoe krijgen we voldoende geld bij elkaar, nu en in de toekomst? De Ooievaar is een gemeentelijk monument, geen rijksmonument. Dat betekent jaarlijks ongeveer 3.500 euro subsidie van de gemeente, terwijl rijksmonumenten vaak op meer steun kunnen rekenen.

“Dat bedrag helpt,” zegt Andrien, “maar we hebben jaarlijks zo’n 20.000 euro nodig. Dus er moet altijd geld bij.”

Fondsen geven liever eenmalige bijdragen voor concrete projecten dan structurele exploitatie. Daarom wordt er goed gekeken naar nieuwe mogelijkheden.

De nieuwe molenschuur

Een belangrijke toekomstkans ligt in de geplande molenschuur. De bouwplannen zijn onderdeel van de Dorpendeal die eind 2024 is bekrachtigd. Met een bijgebouw kan de molen meer inkomsten genereren en zijn rol als ontmoetingsplek verder versterken.

De realisatie laat echter op zich wachten. Begin 2026 zijn er nog ‘kinken in de kabel’, onder meer door stagnatie in de woningbouwplannen op het aangrenzende terrein. Het project staat los van de dagelijkse molenactiviteiten, maar het bestuur richt zich er wel nadrukkelijk op.

Praktisch en dichtbij

Onvoorziene kosten horen er ook bij: een toilet dat bij hevige regen problemen geeft, plots onderhoud dat niet kan wachten. In zulke gevallen schakelt het bestuur snel met de molenaars. Het bestuur verleent toestemming en geeft opdracht, zodat reparaties direct uitgevoerd kunnen worden.

Een jonge molen met een lange toekomst

De Ooievaar is in feite een jonge molen. Na de herbouw was er weinig onderhoud nodig, maar die fase ligt inmiddels achter ons. Schilderwerk en andere grote klussen komen eraan en die kosten “bakken met geld”.

Toch overheerst het enthousiasme. Andrien en Jacques zijn gemotiveerd, betrokken en realistisch. Hun gezamenlijke doel is helder: zorgen dat De Ooievaar niet alleen een werkende molen blijft, maar ook een sociale ontmoetingsplek voor Terwolde.